Welkom op susansusan.nl, de plek waar ik mijn hart lucht en mijn niet-altijd-even-intense-gedachten met de wereld deel. Mijn naam is Suus, twentysomething en ik woon in de mooiste stad van het land: Utrecht. Hier bezit ik een klein paleisje en studeer ik Documentaire Fotografie, mijn grootste passie & frustratie tegelijk. Naast al het klikken met mijn camera geniet ik vooral met volle teugen van de liefde van mijn leven; 10 juni 2010 ben ik getrouwd met Erik!

Ik eet me ziek aan chocola en heb een zwak voor rode katten, oude fotocamera's, bloemetjesprints en groene thee drinken uit hele grote mokken. Vanaf maart 2009 heb ik 5 maanden in Kenia gewoond, waar ik vrijwilligerswerk heb gedaan in het Dickson Children Centre. Een onvergetelijke tijd! Van mijn kersverse huwelijk tot Afrikaanse-trekjes en de dagelijkse dingen des levens; alles wordt hier beschreven. Ik daag je uit om mee te lezen!



Happy birthday to me

Al ruim een jaar voer ik intensief campagne voor een kat in huis.Ik zou echt dolgraag een huisdier willen, en een kat lijkt me ontzettend leuk. Het liefst had ik tijdens mijn studententijd meteen een lief boezenbeest in huis genomen. Maar als student is een kat toch een dier met iets te veel verplichtingen; ik was vrijwel nooit in het weekend thuis en ook het kostenplaatje paste niet in mijn budget.

Daarom kocht ik maar een hamster. Nu klinkt dat misschien iets te negatief, want ik had het onwijs naar mn zin met dat beestje! Hij maakte ‘s nachts onwijs veel herrie, poepte op m’n kussens en ik ben talloze keren gebeten, maar dat woog niet op tegen het plezier dat ik er uit haalde. Ik vind het heerlijk om naar zo’n beestje te kijken, er met een veel te hoog stemmetje tegen te praten en er om te lachen. Mijn hamster mocht regelmatig een rondje in de badkamer rennen als ik zijn hok verschoonde, en dat was altijd echt hilarisch. Op hoog tempo rende mijn hamster wat rond, snuffelde 10 keer aan dezelfde dingen en klom overal op. Een keer toen ik na een tijdje in de badkamer keek, was de hamster kwijt. Nergens meer te vinden Ik schrok me kapot, dacht dat de badkamer toch echt goed afgesloten was, totdat ik iets hoorde knagen achter het badkamerkastje. Zat dat stomme beest daar klem…

Helaas ging de hamster dood toen ik in Kenia zat. En eenmaal weer in Nederland begon het toch snel weer te kriebelen. Als kind heb ik altijd huisdieren gehad; ik ben opgegroeid met een kat, verschillende konijnen en een vogel. Ook heb ik gedurende mijn jeugd 3 cavia’s gehad; Kruimel, Sunny en Joep. Van kruimel herinner ik me niet veel meer, maar Sunny was een schat van een beest. Wij lieten hem altijd vrij oer het kleed in de woonkamer bij mijn ouders rondlopen, en dan rende hij als een gek rondjes om de tafelpoten en knaagde een gat in de onderkant van de stoel. Maar Joep was toch wel het meest maffe huisdier dat ik gehad heb. Een onwijs lieve cavia, die begon te brommen als ik op hakken liep, hoog piepend gekke sprongetjes maakte had en eenmaal bij mij op schoot languit ging liggen en zich heerlijk liet aaien.

Maar nu de kat, konijnen en cavia’s allemaal onder een steen in de achtertuin liggen en ik als getrouwde vrouw in mijn eigen huis woon, word het tijd voor een eigen huisdier. Erik word dus al maandenlang bestookt met zeurpartijen, vertederende filmpjes van katten die domme dingen doen en een kirrende Suus als die ene lieve rode kat uit de buurt weer een aai komt halen. Maar Erik heeft – gekscherend – een hekel aan katten. ‘Dat rooie kreng van de buren’ ligt altijd op zijn auto, en in het portiek van onze flat stinkt het volgens hem altijd naar kattenpis. De enige kat die ik kon krijgen, was van pluche, in stickervorm of opgezet. Erik zou allergisch zijn, last krijgen van prikkende ogen en niesbuien ‘met zo’n beest in huis’. Onzin natuurlijk. Maar hij bleef volhouden, net als ik. Ik verzon een hele lijst met kattennamen en sloot vriendschappen met de nieuwe poezen van de buurman. Toen Erik eens met veel plezier aan het spelen was met de rode kater van mijn oom en tante, kreeg ik wat meer hoop. Mijn promotiecampagne bereikte ondertussen zelfs Erik’s vrouwelijke collega, die mijn liefde voor katten deelt en ons gekscherend een kat cadeau wilde doen voor ons huwelijk. Maar Erik bleef volhouden, aan vage allergieën en andere slechte argumenten. En als er een kat zou komen, zou die tot in den treure getreiterd worden met plastic folie voor het kattenluik en bewegende lichtjes op de muur. Hier moet ik overigens wel bij vermelden dat Erik echt niet zo’n sadist is; met de grijze kat van de onderbuurman is hij dikke maatjes en hij al een dier nooit pijn doen. Maar als hij de kat van de buurman weer eens een aai gaaf, vertelde hij er wel elke keer bij dat hij serieus geen kat wilde.

Ik vond het dan ook een beetje flauw dat ik voor mijn verjaardag vandaag een kattenbakschepje kreeg. En toen ik daarna een kattenbak kreeg, wist ik nog steeds niet echt wat ik daar nou van moest denken. En bovendien; welke man geeft zijn kersverse vrouw nou een kattenbak voor haar verjaardag… Maar toen hij mij met en lieve grijs stond aan te kijken, kon ik het bijna niet geloven. “Lieverd, we gaan na de verbouwing een superlieve en leuke kat uitzoeken in het asiel.”

Geen grapje, twijfels of kanttekeningen in zijn belofte; hij heeft er misschien nog wel meer zin in dan ik. En nu komt er over 3 weken een kat in huis; ik had me geen beter verjaardagscadeautje kunnen wensen!