Welkom op susansusan.nl, de plek waar ik mijn hart lucht en mijn niet-altijd-even-intense-gedachten met de wereld deel. Mijn naam is Suus, twentysomething en ik woon in de mooiste stad van het land: Utrecht. Hier bezit ik een klein paleisje en studeer ik Documentaire Fotografie, mijn grootste passie & frustratie tegelijk. Naast al het klikken met mijn camera geniet ik vooral met volle teugen van de liefde van mijn leven; 10 juni 2010 ben ik getrouwd met Erik!

Ik eet me ziek aan chocola en heb een zwak voor rode katten, oude fotocamera's, bloemetjesprints en groene thee drinken uit hele grote mokken. Vanaf maart 2009 heb ik 5 maanden in Kenia gewoond, waar ik vrijwilligerswerk heb gedaan in het Dickson Children Centre. Een onvergetelijke tijd! Van mijn kersverse huwelijk tot Afrikaanse-trekjes en de dagelijkse dingen des levens; alles wordt hier beschreven. Ik daag je uit om mee te lezen!



C’est la vie

Leven en dood. Het zijn twee uitersten, die toch zo nauw met elkaar verweven zijn. Ik heb er veel over nagedacht deze week; ze speelden beiden een grote rol de afgelopen dagen.

Morgen vieren we het leven, dat van mijn kleine neefje.Vandaag is het een jaar geleden dat hij geboren werd. Dat kleine mannetje dat van een groepje mensen ineens ouders, grootouders en ooms en tantes maakte. Wat genoten we van zijn prille leven de afgelopen 12 maanden, en wat is het al ondenkbaar dat hij er ooit niet was.

Erik vierde gisteren ook zijn verjaardag. De eerste als getrouwde man, samen in ons huis in Utrecht. “Het leven begint bij 25″, zei hij met een grote lach, toen hij de kaarsjes op zijn chocoladetaart uitblies.

Maar het leven stopt soms ook bij 55, zonder waarschuwing vooraf. Woensdag overleed mijn oom in zijn slaap, en dinsdag begraven wij hem. Een ontzettend verdrietige gebeurtenis, die eigenlijk veel te vroeg plaats vind.

Het was een rare week waarin ik tussen totale uitersten heen en weer geslingerd werd. Van kaarsjes uitblazen tot een intens verdrietige opa en oma troosten. En dat in slecht een paar uur tijd. Maar ik merk dat ik er vrij rustig onder blijf. Misschien komt het door Kenia, waar ik een begrafenis meemaakte die zo totaal ontnuchterend werkte dat het mijn kijk op leven en dood misschien wel fundamenteel veranderd heeft. De dood hoort bij het leven, daar in Afrika helemaal. Geen plechtig einde, gecondoleerd en ceremonieel gedoe. Het leven komt zoals het komt, en gaat ook meteen weer door. En wij die denken dat we alles kunnen, hebben er totaal geen grip op. En moeten het maar nemen zoals het gaat.




Dichtbij?

Toen we gisteravond bij de ik-ben-lui-dus-we-gaan-naar-de-mega-dure-afhaal-Italiaan stonden te wachten tot ons avondeten opgewarmd was werd Erik ineens gebeld. Iemand had de briefjes die we na de verdwijning van Poes verspreid hadden gelezen en een kat gezien die er veel op leek. Wij zijn meteen in de auto gesprongen en er heen gereden, maar helaas was de gevonden poes niet onze Poes. En om die kat nou mee naar huis te nemen om het gemis van Poes op te vullen gaat ook weer wat ver. Dus we konden teleurgesteld weer naar huis gaan. Vlak daarna vond ik op een website voor vermiste huisdieren, waar onze Poes ook op staat, een berichtje dat er een dode cyperse kat in onze buurt gevonden was. Ik heb meteen gebeld, maar gelukkig was dit ook niet onze poes.

En toen ging vanmorgen weer de telefoon. Een vrouw die een paar straatjes achter ons woont had een vrij kleine cyperse kat gezien, die toen ze hem benaderde flink tegen haar begon te blazen. De kat kwam erg radeloos op haar over. En sindsdien volgden nog 2 telefoontjes, dat Poes in dezelfde buurt gesignaleerd is.

En nu is Erik aan het zoeken, met een mandje, brokjes en een blikje vis. We weten niet eens zeker of het wel om onze Poes gaat, al klonk de beschrijving van de niet-al-te-grote-blazende-kat wel erg herkenbaar. En hoe fijn het ook is dat we regelmatig gebeld worden door lieve oplettende mensen, dit vind ik ook echt vreselijk. We hebben geen idee of áls het Poes is, we haar ook daadwerkelijk kunnen vangen. Ze is zó ontzettend schuw en bang voor mensen. En de buurt waarin ze steeds gesignaleerd wordt is een doolhof van afgesloten achtertuintjes, bosjes, een parkje, begraafplaats en heel veel onbereikbare plekken. Hoe lang gaat dit verhaal nog duren? En wat als onze Poes, die totaal niet gewend is aan de straat, aangereden wordt?

We moeten maar weer afwachten. Ik hoop dat Poes maar snel gevonden wordt. Want elke keer tegen dat lege mandje aankijken, dat breekt je hart ook wel een beetje…




Vermist

Gisteravond nam onze kleine Poes een grote sprong van ons balkonnetje op de vierde verdieping, en sindsdien zijn we haar kwijt. En voor zoiets bestaat er gewoon geen andere bewoording dan kut. KUT. In het donker en de regen hebben we nog een uur naar Poes gezocht, maar ze was nergens te bekennen. En de mandjes die we gisteravond buiten hadden gezet, gevuld met brokjes en een warm dekentje waren vanmorgen helaas leeg. En nu ben ik nog net niet in staat om zelf ook van het balkon af te springen, vanwege het verdriet dat Poes weg is en het enorme schuldgevoel omdat we niet beter hebben opgelet. Natuurlijk wisten we dat poes niet op het balkon mocht, en de afgelopen anderhalve week hebben we heel streng gelet op dat alle deuren en ramen steeds dicht waren. Helaas was 1 foutje al te veel. Ik neem het mezelf verschrikkelijk kwalijk dat ik de balkondeur open heb gezet, en Erik dat hij het niet heeft opgemerkt om hem dicht te doen. Dus nu gaan we vanmiddag de hele buurt maar volplakken met briefjes, in de hoop dat we poes snel weer terugvinden.




Eerlijk

Ik heb me laatst voorgenomen dat ik wat vaker eerlijk ga zijn over dingen. Niet dat ik als een Joran van der Sloot alles aan elkaar lieg, maar ik heb wel vaak excuusjes merk ik. Geen tijd, te druk, moe, ziek; ik denk dat iedereen het wel eens gebruikt om ergens onderuit te komen waar ze eigenlijk geen zin in hebben. Gedreven door een goede sessie in de therapiegroep waar ik wekelijks naartoe ga (de kunstacademie heeft me voorgoed verpest vrees ik) waarin ik gewaardeerd werd om m’n eerlijkheid, besloot ik dat ook maar in de rest van m’n leven toe te passen. Geen smoesjes meer; gewoon eerlijk zeggen. En als ik dat niet durf, tegen mijn zin in gewoon gaan. Maar het niet meer gooien op de nacht daarvoor slecht geslapen, te veel te doen voor m’n studie of er de volgende dag weer vroeg uit moeten. Volgens mij gelooft niemand deze smoesjes, en ik ging me er zelf ook niet beter door voelen; ik stond gewoon te liegen.

Een paar minuten geleden werd ik meteen al getest; een collega belde mij of ik aanstaande woensdag voor haar wilde invallen. Aangezien ik die dag van 13:00 tot 17:00 herkansingen heb op de kunstacademie, zou dat dus niet mogelijk zijn. Ze vroeg daarop of ik die avond dan wilde werken. Dat kwam mij ook niet goed uit, aangezien ik de dag daarop om 05:30 moet beginnen met werken. En nu vind ik mijn werk heel leuk, maar om ‘s avonds tot 23:00 te werken en er 6,5 uur later om 05:30 alweer te staan gaat mij iets te ver. Dat begreep ze ook goed. Toen bood ze aan om een vervanger te zoeken voor mijn vroege dienst, zodat ik de avond ervoor wel zou kunnen werken. Toen zei ik maar bloedeerlijk dat ik daar gewoon geen zin in had. Dat ik veel liever om 04:45 naast m’n bed sta om de winkel te openen, dan dat ik tot 23:00 werk. En toen kreeg ik de opmerking;

‘Maar het is niet altijd een kwestie van zin hebben, toch?’

Deze opmerking maakte mij een beetje boos. Natuurlijk wil ik een collega best helpen. Ik maak er nooit een punt van als ik een half uur langer door moet werken om de afwas weg te werken, zodat een ander dat niet hoef te doen. Maar kritiek hebben op het feit dat ik liever mijn eigen dienst werk in plaats van te ruilen, dat vond ik niet zo leuk. Ik wil na een heftig dagje vol herkansingen gewoon thuiskomen en niets doen. En niet naar huis rennen, m’n werkkleding aantrekken en tot 23:00 werken. Kortom; ik had er gewoon absoluut geen zin in. En dat heb ik maar eens eerlijk gezegd. Achteraf bedacht ik dat ik trouwens niet eens zou kúnnen werken die avond omdat ik dan mijn wekelijke groepstherapie heb. Heb ik meteen weer een mooi punt in te brengen; begin je vol goede moed aan je voornemen om eerlijk te zijn, krijg je alsnog commentaar.

Ik denk dat ik de volgende keer maar weer gewoon een tentamen heb, ziek ben, in Spanje zit en/of de hond uit moet laten.